De stripheld heeft samen met zijn trouwe viervoeter Bobby in zijn avonturen zowat de hele wereld rondgereisd, maar zijn enige echte thuis is en blijft Brussel. Een reportage van Guy Dittrich

Kuifje, de beroemde creatie van Hergé, heeft een ietwat surrealistische relatie met zijn zogezegde thuisstad Brussel. In het eerste album – Kuifje in het land van de Sovjets – komt een Brussels treinstation voor, naar alle waarschijnlijkheid het Noordstation. Een heel aantal andere avonturen beginnen in een stad die volgens velen wel eens Brussel zou kunnen zijn, al wordt dat nooit expliciet vermeld.
Hergé wordt geroemd om de uitzonderlijke diepgang voor correcte technische details die hij in zijn verhalen stopte. En dan is het uiteraard logisch dat hij zou verwijzen naar plaatsen die hij goed kende. Het is dan ook geen verrassing dat Kuifje in De scepter van Ottokar rondwandelt in het Brusselse Warandepark. En het museum dat de stripheld bezoekt in Het gebroken Oor, is naar alle waarschijnlijkheid gebaseerd op het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (africamuseum.be) in het nabijgelegen Tervuren.
Als eerbetoon aan de Belgische reputatie als geboorteplaats van de zogenaamde ‘negende kunst’, heeft Brussel 2009 uitgeroepen als het Jaar van het Stripverhaal. In mei werd er een reusachtige afbeelding van Kuifje opgehangen op de Grote Markt en konden bezoekers zich in het Belgisch Stripmuseum (comicscenter.net) vergapen aan een model van de raket uit het album Raket naar de Maan. Bezoekers kunnen in Brussel ook een heuse striproute volgen; een wandeling langs muurschilderingen van verschillende kunstenaars.
Eind 2001 staat de release van The Adventures of Tintin: Secret of the Unicorn gepland, een film van Steven Spielberg. Eén ding staat vast: als de film een succes wordt, zal de stad nog een pak meer bezoekers over de vloer krijgen op zoek naar een van zijn beroemdste creaties ooit.